de Border Terrier

SONY DSCDe Border Terrier is precies wat je op grond van zijn uiterlijk zou verwachten: stoer, slim, aandoenlijk lief en tja: af en toe een tikkeltje ondeugend.

Zijn uiterlijk en karakter zijn dan ook beiden een logisch gevolg van het doel waarvoor hij oorspronkelijk gefokt is: de jacht op ondergronds wild, dan wel ongedierte, voornamelijk de vos. Stoer en slim moet je wel zijn om de confrontatie met een vos of das in het nauw aan te durven!

Karakter
De meeste Borders in deze moderne tijd komen nooit meer met een vos in aanraking, in Nederland is deze vorm van jagen zelfs verboden. Zij worden gehouden als huishond en passen zich hieraan prima aan, sterker nog: ze genieten van hun leven als gezinshond. Toch dient men zich altijd bewust te zijn van de instincten en achtergronden van deze geweldige kleine vriend.

De_Border_Terrier_2De Border Terrier staat beslist niet te boek als een moeilijk opvoedbaar ras, maar wie van hem een gedrilde politiehond wil maken, komt bedrogen uit. Ze hebben een eigen willetje! Dat neemt niet weg dat de Border snel leert en graag zijn best doet voor de baas. Een goed opgevoede Border gehoorzaamt, als hij consequent en met beleid wordt behandeld. Wanneer echter een konijn zijn pad kruist, komt zijn terrier-aard naar boven en kan het zijn dat hij Oost-Indisch doof blijkt voor alle commando’s! Dat instinct is vaak sterker dan de hond zelf en daar moet je als eigenaar rekening mee houden. Hoe sterk deze jachtpassie is, verschilt per individu en laat zich moeilijk voorspellen.
Er zijn Borders die prima los kunnen lopen en bij de baas blijven (als ze het jong geleerd hebben!), maar er zijn er ook die vol overgave hun neus achterna gaan zodra ze lucht van een konijn of iets dergelijks krijgen.

Ten opzichte van de mens en andere honden is de Border meestal erg meegaand, ook deze eigenschap was erg belangrijk bij de jacht. Het hondje moest immers goed samen gaan met de meutehonden en andere Borders en zich ook laten oppakken door andere jagers dan de eigenaar zelf, als dat zo uitkwam.
Wel is het zaak de pup goed te socialiseren in de omgang met andere honden, en dat valt in deze tijd niet altijd mee. Grote, vaak loslopende honden kunnen voor een levenslang trauma zorgen, wanneer ze boven op een nog jonge Border duiken om te ‘spelen’ en daarbij al te wild zijn (of zelfs agressief). Een Border is maar klein, maar wel een terrier. Als hij na zo’n ervaring daarna een hond als bedreigend ervaart, zal hij graag een ‘grote bek’ geven, om te zorgen dat de ander afdruipt. Wanneer dit daadwerkelijk gebeurt, is het gedrag van de Border beloond en daarmee dus voor herhaling vatbaar. Het is aan de eigenaar er voor te zorgen dat de jonge hond vooral goede ervaringen opdoet met andere honden.

De_Border_Terrier_5In het leven van alledag is de Border Terrier een puur, ongecompliceerd hondje dat het heerlijk vindt om lange wandelingen te maken, maar dat zich er ook tevreden mee stelt als dat even niet kan. Wie echter meent dat de Border genoeg heeft aan dag-in-dag-uit alleen maar 3 x daags een blokje om, doet hem vreselijk te kort. Er staat niet voor niets in de rasstandaard: “Essentially a working terrier, capable of following a horse”. Hondensporten als agility (behendigheid), speuren e.d. zijn voor deze terrier dan ook het einde!

Krijgt de hond voldoende beweging, dan is hij in huis een blije, vrolijke, maar rustige huisgenoot. Hij geniet van heerlijk loom dutten in zijn eigen bench en/of mand, maar het allerliefst nog lekker bij u op schoot. Op zulke momenten lijkt de beschrijving “werkende terrier” volkomen misplaatst.

Uiterlijk
Elke eigenschap die opvalt aan zijn uiterlijk is gerelateerd aan zijn oorspronkelijke gebruiksdoel. De FCI rasstandaard kunt u lezen op de site van de Nederlandse Border Terrier Club N.B.T.C: www.borderterrier.nl. Hierin wordt de verschijningsvorm van de Border Terrier tot in detail beschreven.

De_Border_Terrier_4Zijn gehele bouw is gericht op twee belangrijke zaken. Allereerst moet hij een paard kunnen volgen en dat gaat hard! Zgn. “sound” gangwerk is dus een vereiste: een “racy” (= op snelheid gebouwde) achterhand en in een goede conditie: zo hoort een Border te zijn. Ten tweede moet hij een vos in de bouw (= “hol”) kunnen volgen, zonder zelf in de problemen te komen. Dat wil zeggen dat hij niet te groot mag zijn, maar vooral ook niet te rond in de ribben, want daardoor kan de hond vast komen te zitten in de vossenbouw. Elke keurmeester zal op een show de hond dan ook even “omvatten” om de borstkas: twee mannenhanden moeten zich juist kunnen sluiten om de borst, de hond is wat men noemt “te omspannen”. In de vossenbouw is ook de wendbaarheid/lenigheid van belang en verder niet te vergeten: de huid en vacht. De huid dient los te zijn – ook iets waar de keurmeester speciaal op let – en de vacht bestaat uit een zachte, ietwat wollige ondervacht, met daarover heen een harde, stugge bovenvacht. Een dergelijke huid en vacht beschermt tegen aanvallen van de vos, maar maakt de hond ook relatief ongevoelig voor beschadigingen in een ruige omgeving.

De compacte voetjes (ook wel kattenvoetjes genoemd), het dichtvallende oor (bescherming gehoorgang), het geweldig sterke gebit, de relatief korte, stevige staart: alles is er op gericht het werk zo goed mogelijk en met zo min mogelijk kans op schade te kunnen doen.

Het is belangrijk om te weten waarom de Border Terrier is zoals hij is. Alleen dan kunnen we hem begrijpen en naar waarde schatten.